De (on)zekerheid van een beroepsregister

Lang geleden heb ik voor een vak geleerd. Ik heb zelfs een jaar extra geïnvesteerd om lid te mogen worden van het NIP, Nederlands instituut psychologen. Ik moest om lid te worden aantonen dat ik voldoende werkervaring had. Ik werkte bij een adviesbureau en deed helemaal niets met de kennis die ik tijdens mijn opleiding had opgedaan. Gelukkig voerde ik af en toe een medewerkerstevredenheidsonderzoek uit. Een geregistreerde psycholoog die bij mij in de buurt woonde wilde wel verklaren dat ik daarmee mijn kennis in de praktijk bracht. Daarmee was ik ineens een NIP-geregistreerd psycholoog. Dat was dan mooi geregeld. Ik heb de titel nooit op mijn visitekaartje durven zetten en na een aantal jaren heb ik de registratie ook niet verlengd.

Een paar jaar later werd het in de financiële dienstverlening belangrijk om te registreren. Mijn partner moest zich van zijn werkgever aansluiten bij het DSI. Met deze registratie was duidelijk dat hij de juiste vooropleiding had gehad en dat hij integriteit hoog in het vaandel had staan. Als bewijs voor deze integriteit moest hij regelmatig een test afleggen. We hebben heel veel plezier gehad met het voorbereiden voor deze test, wat een geweldige vragen. Je moest echt je best doen om niet integer te worden.  Inmiddels is er een nieuwe ontwikkeling er moet nu een heus rollenspel uitgevoerd worden. Het slagingspercentage is wel 11%.  Mmm… of dat nu de bedoeling was.  Hieruit blijkt wel dat zo’n instituut zijn eigen leven gaat leiden, het hogere doel… in stand houden van het register.

Dan zijn er ook nog andere leuke registers, denk aan Federatie Financial Planning. Daar is het slagingspercentage bewust zeer laag om zo schaarste te organiseren. Dat krikt de beroepsgroep goed op namelijk.

Het idee is natuurlijk dat zo’n beroepsregister zorgt voor een beter aanzien van de beroepsgroep en voor scheiden van de goede beroepsbeoefenaars van de slechte beroepsbeoefenaars. Iedereen kent natuurlijk het register van de accountants. Er zijn de afgelopen jaren toch heel wat RA’s (geregistreerde accountants) door de mand gevallen. Het blijft dus de vraag of een register kaf van het koren kan scheiden.

Bij ieder register zijn er ‘eisen’ waaraan je moet voldoen. De achtergrond is dat je met het voldoen aan deze eisen enige kwaliteit laat zien.  Anneke Jonker laat met haar tweet zien welke deel van kwaliteit er door het register wordt ‘gemeten’. Dat is namelijk de kennis-kwaliteit, de harde aantoonbare opleiding en certificaten:

Anneke Jonker ‏@annekejonker  80% resultaat van hulpverlening bepaald door relatie klant en hulpverlener. Beroepsregister registreert kennis= 20% resultaat. #jeugdzorg

Bij het schoolleidersregister is nog steeds niet helder welke ‘kwaliteits-eisen’ er gesteld worden. Directeuren van basisscholen die zich hebben ingeschreven weten nog niet of ze nu wel of niet aan de eisen voldoen. Moet je een magistrum-opleiding gedaan hebben of is jarenlange werkervaring voldoende? Dit gegeven levert een mooie nieuwe opleidingsmarkt op. Opleidingsinstituten bieden opleidingen aan bij het register en zodra er een accreditatie is kan dit als marketing worden ingezet.

Edith van Montfort ‏@bososs  “Gevalideerd voor het register” wordt dat nu de nieuwe ‘reclameslogan’ voor professionaliseringsactiviteiten in het onderwijs ?! 

Met het schoolleidersregister is nog iets vreemds aan de hand. Registratie van schoolleiders is in de cao-afspraken verplicht gesteld. Dat betekent dat ook de werkgevers denken dat registratie zal zorgen voor betere schoolleiders. Hierbij werkt het principe van schijn-sturing. Letterlijk staat op de website van schoolleidersregister PO: Registreren is daarbij een belangrijk instrument. Door te registreren toont u aan dat u actief werkt aan de ontwikkeling van uw beroep.

Er is geen enkel bewijs vanuit de eerdere registers dat een beroepsregister een positief effect heeft op de ontwikkeling van een beroep. Zeker niet op de ontwikkeling van een diffuus beroep, zoals dat van een schoolleider. Het enige effect is dat er door schoolleiders in de toekomst meer gericht gewerkt zal worden naar diploma’s en certificaten. De vraag is of hierdoor de kwaliteit beter wordt, wellicht is een schoolleider die uit een andere sector komt, met veel werkervaring kwalitatief beter dan de goed geregistreerde schoolleider. Jeroen geeft dit mooi weer in zijn tweet.

Jeroen ‏@jeroen0104 Het schoolleidersregister (€1.7 milj p/j) ziet professionele ontwikkeling vooralsnog als ‘in de schoolbanken’ bij de bekende instituten.

Ik heb al eerder aangekaart dat een register snel een instrument wordt dat er op uit is om zichzelf in stand te houden. Dat zien we dan ook bij het schoolleidersregister. Het is verplicht om je in te schrijven en jaarlijks de contributie te betalen. Is het dat waard vraagt jeroen zich af.

Jeroen ‏@jeroen0104  €320 Vakbondcontributie, €175 schoolleidersregister, €500 per jaar….. is het het waard? Ik denk zo maar van niet. Wie wel?

Al met al ben ik geen voorstander van beroepsregisters, het is een schijnsturing op schijnkwaliteit. Er gaat veel tijd verloren met het beschrijven van de competenties, levert een hoop administratieve rompslomp op en kost de beroepsgroep veel geld. Volgens mij was het toch zo dat de regeldruk en administratieve last voor de sector verminderd zou worden, daar merken we met deze maatregelen helemaal niets van. Professionaliteit leg je niet vast  in een register, professionaliteit betekent voortdurend met elkaar in dialoog en elkaar uitdagen om te leren. Dat regel je niet op papier.

3 gedachten over “De (on)zekerheid van een beroepsregister”

  1. Goed stuk Sandra. Louis Cauffmann zei al eens: “Als iets niet werkt, stop er dan mee.” In analogie zeg ik: “Als iets geen zin heeft, begin er dan niet aan.”

  2. Schoolleidersregister gaat vooral uit van ‘bevoegd’ Het gaat er om of de schoolleider ‘bekwaam’ is.
    Dat is een meer complex vraagstuk, dat zich niet zo gemakkelijk laat registreren.

  3. Uit het hart gegrepen! Leraren staan nu voor een lerarenregister. Ik probeer hemel en aarde te bewegen verplichte inschrijving van de tafel te krijgen.

Reacties zijn gesloten.