de up to date leraar

Leraar zijn is tegenwoordig haast synoniem voor “manusje van alles”. Je moet in de eerste plaats les geven maar je moet ook administrateur zijn, pedagoog, ict-deskundige, psycholoog en noem nog maar wat taken en rollen er bij.
Daarbij komt ook nog dat door allerlei bezuinigingen de personen die diverse rollen binnen een school vervulden zijn wegbezuinigd waardoor die taken ook nog bovenop de al overvolle dagtaak van de leraar komen.

Wat drijft nu mensen die leraar willen worden. Wie vinden we een goede leraar, wat maakt een goede leraar? Iedereen heeft wel uit zijn eigen onderwijservaring een voorbeeld van een leraar die je is bijgebleven.
Mijns inziens typeert een goede leraar de liefde voor zijn vak (Engels, Wiskunde e.d.) maar daarnaast de liefde voor kinderen of jeugdigen. Een leraar heeft niet alleen zijn vak geleerd maar ook kennis van didactiek en pedagogiek. De goede leraar heeft passie voor onderwijs en dat is de combinatie van zijn vak met de didactiek (hoe geef je het vak door) en pedagogiek (hoe leren de kinderen, hoe zit de klas in elkaar e.d.)

Ik mocht dit jaar aanwezig zijn bij de uitverkiezing van de leraar van het jaar. Wat mij betreft is dit jaar gekozen voor de traditionele leraren, niks mis mee, zij straalden alledrie de passie en liefde voor hun vak uit. Wat ik wel een beetje miste is de aansluiting met de leefwereld van onze jongeren, vernieuwende leraren die gebruik maken van alle (ict) hulpmiddelen die er zijn stonden een beetje buitenspel. Hopelijk volgend jaar een mix hiervan. Maar inderdaad de aandacht voor het kind/de jongere is het belangrijkst!!!

In Nederland is er heel veel aandacht voor leraren maar het blijkt ook dat die aandacht versnipperd is en ook vaak verstikkend werkt naar het lerarencorps zelf. Van alle kanten voelen zij zich belaagd, elke dag is er wel ergens een onderwijscongres waar weer allerlei vernieuwende concepten worden aangeboden, het gaat over passend onderwijs, compententiegericht onderwijs, projecten, processen etc. etc. Je ziet door de bomen in onderwijsland het bos niet meer.
Begrijpelijk is dat sommige leraren dan achterover gaan leunen en denken: “het zal mijn tijd wel duren”. Dat dit niet een juiste houding is weten ze zelf ook wel maar ze weten niet hoe ze al die concepten in hun overvolle agenda moeten inplannen.

Het zou zeer mooi zijn als docenten zich zouden organiseren in communities die gegroepeerd zijn rondom een bepaald thema, school en/of vakoverstijgend zodat ze van elkaar leren en niet al die conferenties af moeten lopen, hierdoor leren zij collectief en dat komt niet alleen henzelf maar ook hun collega’s ten goede en daardoor versterken zij uiteindelijk het onderwijs. Men hoeft het wiel niet zelf uit te vinden want overal in het land is kennis te vinden die gedeeld kan worden.

Echter wat wel belangrijk is, en dat is vaak een struikelpunt, maak gebruik van de volle 40 weken onderwijstijd per jaar. Nu is het vaak zo dat als je twee weken voor de herfstvakantie, kerstvakantie of grote vakantie probeert een afspraak te plannen dat dat verschoven wordt tot na de vakantie. Hierdoor duren die afspraakvrije periodes niet maar de tijd van de vakantie maar worden ook nog eens verlengd met één week ervoor en één week erna waardoor effectief nog maar ongeveer 25 weken onderwijstijd overblijft. Dat is geen goede zaak om innovatie (oei!) in een school te krijgen.
Onderwijs is gebaat bij rust en regelmaat en dat krijg je mijns inziens door de werkzaamheden goed te spreiden over het jaar. Daarom moet er echt eens goed nagedacht worden over al die vakanties maar eigenlijk vooral over de spreiding van het werk over het jaar.