Creabea middag

Op 20 februari 2016 hadden we een gezellige bijeenkomst bij Karin Winters thuis met een stuk of 10 onderwijswijven. Ik had voor deze keer mijn krat met makersspullen meegenomen. Na een korte introductie ging iedereen fanatiek aan de slag met het maken van robotjes. Ik heb de verschillende robotjes die je kunt maken naast elkaar gezet. De eenvoudigste is het blikje met de ikea melkschuimklopper. De moeilijkste is de kikker vouwen van origami met een trilmotor. Maar alles is haalbaar in het PO.

Ik had ook een stapel boeken meegenomen. Hier heb ik een thinglink van gemaakt. Zo krijg je eenvoudig wat achtergrond informatie over deze boeken.

Tijd voor onderwijs

Druk, druk, druk… mijn agenda is net een potje vol met pieren. Van het ene overleg val ik in het andere overleg. Even tijd voor lunch of rustig plassen is er bijna niet. Als bestuurder word ik geacht bij allerlei overleggen te zijn. Ik reis van LEA (lokaal educatieve agenda) naar OOGO (op overeenstemming gericht overleg) naar ALV (algemene leden vergadering), tussendoor ga ik op schoolbezoek, heb functioneringsgesprekken, monitorgesprekken en masterclasses met directeuren.

Kijkend naar deze agenda vraag ik me soms af wat al dit overleg toevoegt aan goed onderwijs voor de kinderen in onze regio. Wat een bestuurlijke drukte!
Voor de komende periode neem ik me weer voor om me echt te richten op sturing geven aan goed onderwijs. Soms niet aanwezig zijn bij alle goedbedoelde overleggen hoort daar bij. Dus als ik er een keer niet bij ben…ik ben bezig met onderwijs!

Delen omdat het kan en mag

In het jaar 2000 startte ik mijn basisschool carrière op een basisschool in een onderwijs voorrangsgebied. Het kwam er kort op neer dat we 200 leerlingen hadden met 40 verschillende nationaliteiten. De school stond in een wijk met veel sociale huurwoningen en veel hoogbouw. Ik kwam vers van de Pabo na een versneld traject en met veel onderwijszin op deze school terecht. In de jaren voor de Pabo had ik de eerste graads lerarenvariant tekenen en schilderen gedaan aan de academie voor beeldende vorming. Als vastgesteld creatief brein belandde ik in een geheel nieuwe omgeving. 13 kleuters had ik. Dat moest gaan lukken. Wat heb ik geploeterd. Kwam voor het eerst in aanraking met vele nationaliteiten, niveaus, talen en milieus. Stapje voor stapje leerde ik mijn leerlingen en hun ouders kennen en langzaamaan ging ik houden van deze enerverende en spannende omgeving. Geen enkele dag was hetzelfde en ik maakte kennis met de zoektocht naar de onderwijsbehoefte van mijn leerlingen. Geen idee dat deze benaming er later zou komen, maar ik was me al snel bewust van het feit dat elk kind iets anders nodig had. Dat was er ook op de kunstacademie ingeramd. Het ging om het individuele proces en leerlingen moesten leren om te leren. Al gauw kwam ik erachter dat dat niet zo simpel was. De meeste leerlingen hadden een enorme taalachterstand. Voor veel kinderen was Nederlands de tweede taal. Het was lastig om erachter te komen hoe het zat met de ontwikkeling van de leerlingen. Ik trof leerlingen aan met enkel en alleen een tweede taalverwervingsproblematiek die in het welbekende taalbad ongelooflijke sprongen maakten, maar ik trof ook leerlingen aan uit complexere andere situaties waarvoor enkel en alleen dat taalbad niet voldoende was. Ik had het er vaak over met mijn collega’s. We moesten samenwerken om in te kunnen spelen op wat deze leerlingen nodig hadden. Heel vaak tijd, maar soms ook echt iets anders. We hadden een kleuter remedial teacher én een kleuter ib-er die ook gedragsspecialist was. Er werd veel gekeken in de groep en met kinderen gespeeld in de speelhoeken van de klas. Twee keer per jaar gingen we de leerlingen toetsen. Dat was volgens mij op deze school toen al jaren lang de procedure. Ik was benieuwd naar hoe we dat gingen aanpakken. Toetsen bij kleuters? Geen idee dat het bestond. We toetsten in kleine groepen van 7 of 8 kinderen mét een onderwijsassistent erbij. De tafels zetten we samen met de leerlingen in rijtjes. Ze vonden het reuze spannend. Een heel schema was ervoor gemaakt. Andere leerlingen werden elders opvangen en met tweeën toetsten we de kinderen. Oudste kleuters én jongste kleuters. Streepjes zetten noemde we het. Elke leerling een eigen boekje met naam en sticker. Als we merkte dat een kind nog niet aan een tafel kon blijven zitten en werkelijk geen idee had waar de vragen over gingen staakten we de toets. Het gebeurde eigenlijk helemaal niet zo vaak want de kleuters vonden het prachtig. Mijn onderwijsassistent hielp de kleuters met het omslaan van de bladzijden en gaf de kinderen heel zachtjes positieve feedback. Na afloop maakte ik mijn la met stickers leeg en gingen we over tot de orde van de dag. De toetsen keken we altijd snel met veel belangstelling na en we noteerden tijdens of net na de toets ook onze observatie op het toetsboekje. We maakten daarna altijd een uitgebreide analyse. Regelmatig kwam er iets uit de toets in de lijn der verwachting. Dat vond ik altijd fijn. Het gaf ons inzicht in de individuele groei van de leerlingen. Soms was die onverwacht groot. De passieve woordenschat bleek dan groter te zijn dan verwacht. Deze informatie was heel relevant, zei iets over de mogelijkheden van mijn leerlingen en ik kon mijn té lage verwachting snel bijstellen. Soms vielen de toetsuitslagen erg tegen. Via de analyse kon ik er dan achter komen wat de reden was. De maakbaarheid van het proces daarna is discutabel, maar mijn aanbod werd wel meer passend. Mijn inzicht werd vergroot. Ons aanbod gebeurde altijd betekenisvol binnen een thema. We gingen met kleuters niet zomaar van alles inoefenen. Eerst maakten en ontwikkelden we alles zelf en later gebruikten we dankbaar de methode schatkist erbij. Het thema in het kader van Moederdag zal ik samen met de kleuters van toen niet snel vergeten. Moeders languit op de tafel met komkommers op hun gezicht.
Vele jaren later werd ik zelf moeder. Inmiddels van een kleuter. Een kleuter die niet kon wachten om te leren lezen en schrijven op school. We kozen een kleine school mét prachtig onderwijsconcept, er was veel aandacht voor creatieve en sociale ontwikkeling. Op school mocht ze als jongste kleuter elke dag kiezen wat ze wilde doen en ze koos met veel enthousiasme steeds de schrijfhoek en de creatieve hoek. Een half jaar lang hield ze dit vol. Ze hield zich onopvallend en vond het wel best. Tenminste dat leek zo. Heel langzaam veranderde onze kleuter in een ongelukkig meisje. Ze vertelde steeds vaker dat ze niets leerde op school en was vaak boos en verdrietig. De juffen deden ondertussen hun uiterste best. Lieten haar kennis maken met andere hoeken en zagen ook de verandering in haar gedrag. Van een enthousiast leergierig meisje naar een angstig kind. Samen gingen we in gesprek. We vertelden hoe onze dochter thuis was en hoe ze was als peuter. Ik liet wat foto’s van zaken zien die ze thuis maakte. Schilderijen, tekeningen en geschreven teksten. De ib-er stelde voor om een toets af te nemen om eens te kijken. De school doet dat niet in groep 1, maar maakte nu een uitzondering. Wij vonden dat een goed idee omdat ook wij nieuwsgierig waren. Mijn dochter ging aan de kleutertoets één op één met de juf. Het afnemen bleek niet zo simpel, want onze dochter vond het een vermoeiende nieuwe spannende ervaring. De juf bleef rustig, zette door. Uit de toets bleek dat ze op eind niveau groep 2 een A+ scoorde en dat er een vermoeden was van behoorlijk onderpresteren. Een raar woord bij een kleuter, maar ook ik kan niets anders bedenken. Onderduikgedrag misschien of een té groot aanpassingsvermogen zou je het ook kunnen noemen. We hebben daarna een tijd geprobeerd om haar in de kleutergroep te bedienen en haar kleuter te laten zijn. Dit omdat we dat met volle overtuiging wilden proberen. De school en wij als ouders samen. Het werkte helaas niet. Nu is onze dochter sinds twee weken versneld naar groep 3. Een hele stap waar we samen met de school én ondersteuning van buitenaf flink over gesproken en nagedacht hebben. Wat ik als afsluiter kan melden is dat het heel goed met haar gaat. Langzaamaan krijgen we onze vrolijke, ontdekkende dochter weer terug. Geen batterij van toetsen was nodig, maar wel die ene om ons allemaal net even wat meer inzicht te geven.

Deze blog heb ik niet geschreven om mensen te overtuigen. Ik wilde mijn ervaring met het afnemen van toetsen bij kleuters graag delen omdat ik het toetsen van kinderen een wezenlijk onderdeel vind van mijn onderwijs. Gelukkig ben ik in de omstandigheid om elke dag bij te mogen bijdragen aan de ontwikkeling van een mooie groep leerlingen. Wat nog fijner is dat ik het samen met een betrokken team mag doen. We gaan gesprekken over deze complexe onderwijs onderwerpen niet uit de weg en proberen ze te voeren zonder dat we het idee hebben dat we elkaar moeten overtuigen. Onze verbondenheid zit hem in het beste willen doen en gelukkig is dat geen eenduidige duidelijke weg.

Onderwijswijven wat zijn dat dan? Gewoon spelende en lerende dames.

strip

Op zaterdag 20 februari rij ik in mijn bolide naar de Meern. Een tocht van zo’n uur en dus voldoende tijd om na te denken. Ik ben op weg naar een bijeenkomst van de Onderwijswijven. Wie en wat zijn dat eigenlijk, die Onderwijswijven.
Een raar, wat ordinair klinkend woord maar eigenlijk vind ik het wel een geuzennaam.
Het eerste kenmerk is dat het natuurlijk allemaal vrouwen zijn die iets met onderwijs te maken hebben. Dit is echt heel breed en varieert van leraar tot bestuurder en van ICT-coördinator tot schoolleider tot ……….?! Het zijn in ieder geval allemaal vrouwen die een hart voor en een duidelijke mening hebben over onderwijs.
Een ander kenmerk is dat al deze vrouwen ook bloggen en veelal zijn begonnen met bloggen op www.onderwijswijven.nl. Ze zijn zichtbaar op de sociale media, met name op Twitter en posten daar vaak persoonlijke ervaringen en meningen, die overigens zeker niet altijd overheen komen met elkaar.

Maar wat onderscheidt deze vrouwen van andere vrouwen? Eigenlijk helemaal niets. Het zijn net als andere vrouwen, vrouwen met en zonder echtgenoot, met jonge kinderen of met volwassen kinderen. Soms gelukkig, maar soms ook ongelukkig. Ze ervaren net zo veel of zo weinig hobbels als andere vrouwen. Ze hebben elkaar via Twitter of elders ontmoet, maar kennen elkaar soms helemaal niet zo goed. Ze vinden het in ieder geval waardevol om af en toe samen te komen, te praten, te lachen en te zeuren over onderwijs. Er ontstaan samenwerkingen, er worden ideeën, ervaringen en ‘good practice’ gedeeld.
En dat allemaal onder het genot van een hapje en een drankje op de zaterdagmiddag in Huize Winters in de Meern. Het huis van Karin Winters (@karinwinters) de initiatiefnemer van dit onderwijsclubje dat elk jaar groter wordt.
Als ik aankom en mijn auto heb geparkeerd, loop ik met een boodschappenkrat richting voordeur. Een krat met een wat merkwaardige inhoud; een leeg blikje, een doos met frutsels (kralen, knopen, lijntjes en stokjes), een schaal met home made kipsalade, 6 pack Radler met en zonder alcohol en 12 kleine prikkerige roosjes met een onderwijswijfje. Een klein symbool en alternatief voor de Edubloggerspin die veel Onderwijswijven ook al eens mochten ontvangen op het jaarlijkse Edubloggersdiner. De Edubloggers, een groep bloggers waar een flink aantal Onderwijswijven ook bij hoort.

IMG_7842

Er wacht meteen een hartelijk ontvangst en de uitstalling van hapjes op tafel groeit snel. Hoewel we elkaar vaak niet meer dan één of twee keer per jaar zien en verder alleen op sociale media ‘spreken’, pakken we de draad heel snel op.
Het wordt een echte doe-middag. Het lijkt de Makermovement wel, om er maar eens een onderwijsterm doorheen te gooien. Gewoon lekker knutselen.
De lege blikjes komen te voorscozobothijn samen met de lijmpistolen, de Ipad, een Touch screen,het Osmo ‘spel’ en de Ozobot. Een VR bril laat me, na een app te hebben gedownload te hebben op mijn IPhone, een rit in een achtbaan beleven.

Mijn Iphone, samen met wat stukjes hard plastic, verandert in een instrument om ware hologrammen te kunnen zien. Een ervaring die voor mij als volwassene al ghologrameweldig is, dus wat moet dit niet voor kinderen betekenen. Zo simpel maar wat een leuke manier om uit te leggen en te ervaren hoe ‘dingen’ werken. Gebruik maken van de technologie die er is en inzetten om onderwijs te verrijken.

De lege blikjes worden gebruikt om Scribblings van te maken en het duurt niet lang of er vindt een ware plundering plaats in de sorteerbak van Pauline Maas (@4pip). Als gretige kinderen worden de lampjes, batterijen, en de IKEA melkopschuimers toegeëigend. Kralen, lintjes, knopen, ijsstokjes en gekleurde pijpenragers vinden hun weg naar de conservenblikjes en de plastic afhaalchinees bakjes. Het lijkt wel ‘Carnaval of cans and plastic containers’.

ScribblingWe proberen uit, we spelen, we maken en experimenteren. We voeren korte, te korte gesprekken en proeven de vele zelfgemaakte hapjes. We drinken wat en likken aan een ijsje. We beleven een geweldige middag want we komen thuis met ideeën, nieuwe contacten en ervaringen. We hebben niet eens in de gaten dat we aan het leren zijn geweest. Informeel leren weliswaar maar hoe waardevol is dat. Leren door te doen en allemaal ontstaan door de het sociale netwerk Twitter. Een krachtig instrument om mensen te ontmoeten, te verbinden en de opgedane ervaringen te delen middels tweets en blogs. Dank allemaal, ik heb genoten en ben weer opnieuw overtuigd dat deze ontmoetingen heel waardevol zijn. Dus mensen uit het onderwijs, zoek elkaar op en ga van en met elkaar leren. Leren kan, mag en moet leuk zijn. Deze informele manier levert veel op. Tot snel, waar dan ook!

onderwijswijvenSamenvatting ‘Wijven aan het werk’

Karin Donkers (@kardonsch)
Onderwijswijven/Edublogger/Bloggerscollectief HetKind
www.kardonsch.nl

Jaarlijkse meeting

Voor ik de voorbereidingen voor vanmiddag in gang zet, even een woordje op deze plek. In het offline leven komen we vanmiddag voor de 4e keer bij elkaar voor een HighTea zonder Thee. De weblog zelf is wel erg rustig…ik zal de #onderwijswijven weer eens een duwtje geven.

Vanmiddag gaan we in elk geval #maken, zowel technisch, met VR brillen, klei en wat meer dingen. Maar meest belangrijke dat we maken is PLEZIER.
Verslag volgt natuurlijk.

Ouderbetrokkenheid

Gisteren mocht ik een bijdrage leveren aan de lancering van het boek: Schoolleider aan zet in ouderbetrokkenheid, met ambitie en lef naar een nieuwe regie. Tijdens het schrijven van dit boek heeft Harriet Marseille een gesprek gehad met een aantal directeuren van stichting OOG. Een mooi gesprek, een gesprek dat ons raakte. Ouderbetrokkenheid is een onderwerp dat ons raakt, maar waarom eigenlijk? “Ouderbetrokkenheid” verder lezen

Registreren omdat het moet?

Afgelopen donderdag beleefde ik mijn assessment dag in het kader van mijn registratie voor het schoolleidersregister. Ik wilde de registratie niet uitstellen omdat ik vind dat ik de waardering als schoolleider verdien. Waar ik geen zin in had was een opleiding. Ik zit in het spitsuur van mijn leven. Een man met een drukke baan en een dochtertje van vier die aandacht nodig heeft. Werk vier dagen en ben daarvan minstens drie dagen aanwezig op school. Daarnaast verricht ik natuurlijk ook werkzaamheden voor de stichting. Meer afwezigheid op school vanwege een studie vond ik niet wenselijk. Mijn oog viel op de evc procedure. Met veel nieuwsgierigheid ben ik de intake ingegaan. Had daar een erg leuk gesprek en schreef mij in voor de procedure. Helaas veranderde op dat moment nogal wat in mijn onderwijswereld. De nieuwe Cao moest ingevoerd worden en binnen de stichting was veel werk te doen. In deze periode verhuisde ik twee maal. Met hangen en wurgen vulde ik mijn portfolio. “Registreren omdat het moet?” verder lezen

Mijn eduvonk

Hoewel hij antwoord wilde op een andere vraag dit jaar, zette deze tweet van Henk ter Haar ( Henk ter Haar eduvonk ) me aan het denken. Deze maand zit ik 25 jaar in het onderwijs, ook al reden eens terug te kijken. Wie inspireerde mij om het onderwijs in te gaan?

Gek genoeg kan ik me geen docent herinneren, die mij op het spoor van onderwijs heeft gebracht. Dat spoor was er eigenlijk al zo lang ik me kan herinneren. Wel kan ik me de uitspraak van een docent herinneren, die heel bepalend is geweest voor hoe ik tegen onderwijs aankijk. Maar dat gebeurde pas toen ik allang mijn keuze voor het onderwijs gemaakt had: mijn docent Nederlands op de Pedagogische Academie. In de eerste les die hij gaf, stelde hij zich als volgt voor: “Ik ben Jos en Jos indoctrineert”. Daar schrok ik destijds een beetje van: indoctrineren dat klinkt niet zo positief…of toch? Maar ik ben me er door deze uitspraak altijd van bewust geweest dat ik als docent ontzettend veel invloed heb op jonge kinderen. Een groot goed, waarop ik zuinig ben geworden, wat ik niet verkeerd mocht inzetten, maar ook niet te weinig. Dat, waar je als docent het verschil mee maakt: je hebt invloed op het denken en doen van jonge kinderen en als je dat goed en vol overtuiging doet, help je kinderen op weg naar hun toekomst. “Mijn eduvonk” verder lezen

AMK-melding doen? No way!!

Marloes verhuist… Ze wordt aangemeld op een basisschool. De school neemt contact op met de school van herkomst, ook een reguliere basisschool en krijgt te horen dat Marloes extra ondersteuning nodig heeft en een arrangement heeft vanuit het SWV. De nieuwe school besluit Marloes niet direct in te schrijven maar een proefperiode te hanteren. (?) De proefperiode duurt twee dagen en daarna wordt besloten Marloes nog niet in te schrijven maar ook niet op school toe te laten en ze wordt een thuiszitter… Uiteraard is leerplicht van beide gemeentes op de hoogte gesteld. Marloes is ineens een casus geworden en wordt besproken in de CTO (Commissie Toelaatbaarheid Onderwijsvoorzieningen). “AMK-melding doen? No way!!” verder lezen