Jezelf evalueren? Geef jezelf een 8?

Een poosje geleden mocht ik meegenieten bij een van de teams van Stichting OOG. Ze doen mee met de pilot ‘flip de school’. Het doel is om zelf tot standaarden te komen om de eigen school mee te kunnen beoordelen. Het mooie van zo’n pilot is dat leerkrachten zelf nadenken over wat ze mooi of goed onderwijs vinden. In het gesprek bleek dat leerkrachten zich veel meer bewust waren geworden van hun eigen waarde. ‘Ik doe er echt toe als leerkracht!’ “Jezelf evalueren? Geef jezelf een 8?” verder lezen

Tijd voor onderwijs

Druk, druk, druk… mijn agenda is net een potje vol met pieren. Van het ene overleg val ik in het andere overleg. Even tijd voor lunch of rustig plassen is er bijna niet. Als bestuurder word ik geacht bij allerlei overleggen te zijn. Ik reis van LEA (lokaal educatieve agenda) naar OOGO (op overeenstemming gericht overleg) naar ALV (algemene leden vergadering), tussendoor ga ik op schoolbezoek, heb functioneringsgesprekken, monitorgesprekken en masterclasses met directeuren.

Kijkend naar deze agenda vraag ik me soms af wat al dit overleg toevoegt aan goed onderwijs voor de kinderen in onze regio. Wat een bestuurlijke drukte!
Voor de komende periode neem ik me weer voor om me echt te richten op sturing geven aan goed onderwijs. Soms niet aanwezig zijn bij alle goedbedoelde overleggen hoort daar bij. Dus als ik er een keer niet bij ben…ik ben bezig met onderwijs!

Ouderbetrokkenheid

Gisteren mocht ik een bijdrage leveren aan de lancering van het boek: Schoolleider aan zet in ouderbetrokkenheid, met ambitie en lef naar een nieuwe regie. Tijdens het schrijven van dit boek heeft Harriet Marseille een gesprek gehad met een aantal directeuren van stichting OOG. Een mooi gesprek, een gesprek dat ons raakte. Ouderbetrokkenheid is een onderwerp dat ons raakt, maar waarom eigenlijk? “Ouderbetrokkenheid” verder lezen

Overschilderen of strippen…?

We kennen allemaal dat gevoel, je kijkt rond in en om je huis en ziet dat er echt geschilderd moet worden. Links en rechts is er een stukje verf afgestoten, door de zon is de kleur verschoten, de kinderen hebben mooie zwarte handdrukken gemaakt op de muren en buiten begint te verf de bladderen. Ja, het is echt weer tijd voor onderhoud. “Overschilderen of strippen…?” verder lezen

Subsidie voor symbolen

Bij het ROC hadden we er een medewerker voor….iemand die de dagtaak had om subsidies op te zoeken en aan te vragen. Ze verdiende haar salaris ruim terug. Ze zocht naar subsidies die zoveel mogelijk paste bij zaken die we toch al aan het doen waren. Soms werden er echter ook nieuwe projecten opgestart, omdat de subsidie weer geld in het laatje bracht.

Het vinden van passende subsidies was geen sinecure. Vaak waren er aan de subsidies eisen verbonden waar je echt moeite voor moest doen om aan te voldoen. Vooral eisen ten aanzien van inzet van consultants waren vaak ingewikkeld. Daarnaast waren er vaak vele eisen ten aanzien van verantwoording. Ik kan me nog de ordner herinneren waarop we van de subsidieverstrekkers met grote rode letters moesten zetten: niet vernietigen voor 2017! Zou de ordner er nog zijn? “Subsidie voor symbolen” verder lezen

Wie is er tegen #40uurleren ?

Wat klinkt dat mooi elke leerkracht 500 euro en 40 uur voor professionalisering. Allemaal de tijd en gelegenheid om te werken aan je eigen ontwikkeling. Hoewel, 40 uur en 500 euro is natuurlijk heel beperkt als je echt aan je ontwikkeling wilt werken. Toch krijgen we deze faciliteiten in primair onderwijs allemaal.

Wat zou jij doen met 40 uren en 500 euro voor professionalisering? Zou je een week bij een andere school waar ze een heel ander concept hebben dan bij jullie gaan kijken? Zou je een aantal workshops gaan volgen? Zou je naar congressen gaan? Zou je boeken over opvoeden, ontwikkeling van kinderen en lesgeven gaan lezen? Zou je samen met een aantal collega’s intervisie organiseren? Er zijn mogelijkheden genoeg. “Wie is er tegen #40uurleren ?” verder lezen

2015 onderwijs kijken!

Terugkijkend lijkt het allemaal zo mooi gepland.  Dat was het natuurlijk niet, maar vanuit mijn behoefte om zaken te ordenen lijkt het wel zo. Zo werkt dat bij mij, vooral op intuïtie werken en achteraf de rode draad ontdekken.

Het eerste jaar als college van bestuur startte met het gevoel te varen tussen ijsbergen met blinddoek op. Geen idee waar we precies waren en geen idee van de komende ijsbergen. Vanuit de behoefte aan overzicht dus eerst alle tijd en aandacht voor administratie. Zorgen dat we kunnen sturen. Informatie in de cloud, invoer bij de bron, inzicht altijd beschikbaar dat was het doel. Inmiddels hebben we zowel op financieel, personeel als onderwijsgebied inzicht in de stand van zaken.

Met inzicht kwam ook het gevoel uit koers zijn. Op een aantal scholen waren er zorgen over onderwijskwaliteit. Daarnaast was het ziekteverzuim aan de hoge kant.  Het tweede jaar dus alle energie besteed aan personeelsmanagement. In gesprek met directeuren en medewerkers vanuit de kernvraag: wat is je passie voor onderwijs? Mooi om de passie bij medewerkers weer terug te zien en om te zien hoe men wil investeren in de eigen ontwikkeling. Lastig op het moment dat blijkt dat de passie of de competenties er onvoldoende zijn. Het tweede jaar bevatte vele moeilijke gesprekken, maar gelukkig ook hele leuke inspirerende gesprekken.

Aan het eind van het tweede jaar ben ik me meer gaan richten op onderwijs. Lekker kijken op de scholen. Wat een mooie dingen zijn er te zien! Dat is een mooie opmaat voor het derde jaar. De administratie is op orde, verzuim is minder aan het worden dus nu aandacht voor de kern: onderwijs.

Dan heb ik het natuurlijk niet over cito-resultaten,  taal en rekenen, maar over kinderen motiveren en stimuleren. Zorgen dat de nieuwsgierigheid van kinderen wordt uitgedaagd. Op naar een leerzaam 2015.

Ik zie, ik zie…wat jij niet ziet! #passendonderwijs

Wanneer we om ons heen kijken zien we allemaal iets anders. We hebben onze eigen werkelijkheid. We passen de wereld om ons heen bij de kennis en kunde die we hebben. Spreekwoordelijk zeggen we wel eens: “Als je alleen een hamer hebt lijkt alles een spijker.” Het filmpje van Sil is een mooi voorbeeld van manieren van naar Passend Onderwijs kijken. Dit is Sil! Het maakt nogal uit met welke bril en met welk perspectief je naar Sil kijkt. Dat maakt uit voor jezelf, maar zeker ook voor Sil en de mogelijkheden die Sil krijgt om zich te ontwikkelen. “Ik zie, ik zie…wat jij niet ziet! #passendonderwijs” verder lezen

Blij-moedig besturen:Ruimte voor Ontwikkeling

Begin juni 2014 was het PO-congres. Er zijn heel wat tweets gemaakt over speeches (#bevlogenbesturen). In deze blog de boodschappen die ik uit deze twee dagen haalde.

ICT in onderwijs is als benzine in een koets… “Blij-moedig besturen:Ruimte voor Ontwikkeling” verder lezen

Ontdekken, risico’s nemen, vervelen en kikkers vangen

De afgelopen weken duiken er in mijn twitter-box steeds berichten op over ‘vrij spelen’. Kinderen van tegenwoordig worden goed beschermd, door hun ouders en door school. Speeltoestellen zijn goedgekeurd en voldoen aan allerlei veiligheids-eisen en ruwe spelletjes zijn verboden. Dit is door Rene Peters mooi beschreven in zijn blog: http://renepetersoss.com/2014/02/12/rubbertegel-syndroom/

Het is eigenlijk een wonder dat onze generatie, zonder veiligheidsgordels in de auto, los achterop de fiets en spelend met onveilige speeltoestellen alles hebben overleefd.

Als volwassenen willen wij het spelen van onze kinderen goed begeleiden. De tijd die wij als ouders samen met onze kinderen doormaken moet ‘quality-time’ zijn. Samen met onze kinderen vullen we deze tijd volledig in. In de mei-vakantie wordt weinig gelummeld, maar worden bezoekjes aan Efteling, dierentuin, vrienden en musea gepland. Vertwijfeld wordt er door pedagogen afgevraagd of kinderen in de huidige tijd nog wel tijd krijgen om zich te vervelen, risico’s te nemen en te leren. Het goed begeleiden van kinderspel krijgt van Hester IJsseling de mooie titel curling education.
@hesterij: “Curling education”: ouders en school zijn druk met de baan glad te polijsten zodat ’t kind zich zonder hobbels kan ontwikkelen. Misvatting.

Een tweetal thema’s komen steeds naar voren:
* geef kinderen de ruimte om zich te ontwikkelen, dat betekent risico’s nemen, dingen zelf proberen en aan modderen. Al met al dus de ruimte om te experimenteren
* geef kinderen de ruimte om zich te vervelen, geef ze rust, stilte en laat ze lanterfanteren, zodat ze zelf creatief moeten zijn en tijd hebben voor zijns-vragen

Het eerste thema gaat over de ruimte die kinderen krijgen om zich te ontwikkelen. Leren vereist het nemen van zeker risico, het kind weet immers nog niet wat het effect zal zijn als hij of zij iets nieuws probeert. Het lijkt dus logisch om kinderen de mogelijkheid te geven om risico’s te nemen en eigen grenzen te ontdekken. Lekker kikkers vangen in de sloot, hutten bouwen in de tuin of vuurtje stoken in het weiland. Niet voor niets is het spreekwoord: ‘leren met vallen en opstaan’. Dat betekent voor scholen en ouders dat zij ruimte moeten geven aan vrij spelen. Kinderen leren veel van spelen en leren zonder direct leerdoel, volgens Berkhout.
http://www.rug.nl/news-and-events/news/news2012/promotie-berkhout-umcg

Voor grotere kinderen gaat het niet meer om vrij spel, maar om onderzoekend, ontwerpend of ontdekkend leren. Zelf uitvinden hoe dingen werken, zelf op zoek gaan naar vragen en antwoorden, daar leer je meer van. Dit vraagt wel een andere aanpak van leerkrachten, namelijk zelf ook nieuwsgierig zijn, vragen stellen (geen antwoorden geven) en vooral loslaten. Met alle nadruk op leerrendementen van taal en rekenen blijkt met name het loslaten heel erg lastig voor leerkrachten, dit vraagt moed en lef. Ontdekkend leren vraagt dus andere didactische vaardigheden van leerkrachten. Vanuit het project Techniek & ik is er aandacht voor deze vaardigheden van leerkrachten. http://www.kinderopvangtotaal.nl/PageFiles/290/Kennissessie%20Techniek%20en%20Ik.pdf

Velen zullen inbrengen dat het met vrij spelen ook veel gevaarlijker wordt op school. Wat gebeurt er als jongens ineens besluiten om rugby te gaan spelen op het schoolplein? Experimenten wijzen uit dat er echt niet meer ongelukken gebeuren als regels worden losgelaten. Kinderen vermaken zich prima en sommigen beweren zelfs dat er minder wordt gepest.
http://www.niburu.nl/dit-gebeurt-er-als-alle-regels-op-het-schoolplein-worden-afgeschaft/?utm_source=twitterfeed&utm_medium=facebook
In het buitenland zijn er zelfs geweldige speeltuinen waar je brand mag stichten en hutten mag bouwen. http://www.theatlantic.com/features/archive/2014/03/hey-parents-leave-those-kids-alone/358631/
Een ander argument is dat met ontdekkend leren de leerdoelen in het gedrang zullen komen. Met deze manier van leren is het minder zeker dat leerlingen alle leerdoelen behalen. De vraag is echter of dit met andere manieren van onderwijs beter geborgd wordt.

Het tweede thema was het recht op ‘lege tijd’ voor kinderen, tijd om te lanterfanteren en te vervelen. Onderzoek schijnt aan te tonen dat vervelen goed is voor creativiteit. Verveling is dus goed voor je, zegt men. http://www.nrc.nl/carriere/2013/01/10/verveling-op-werk-goed-voor-creativiteit/
De bewijzen die ik heb kunnen vinden voor het goede effect van verveling zijn beperkt, maar het lijkt logisch dat een kind dat zich verveelt zelf moet na denken over wat het wil en kan doen. Durven we onze kinderen nog lege tijd te geven? Ouders zoeken naar vulling voor de lege tijd, zoals de creatieve ouder in dit bericht van @Omdenken: http://omdenken.nl/vervelen/
Wat betekent dat eigenlijk voor scholen, betekent het dat we kinderen de tijd moeten geven om uit het raam te staren? Ik denk dat het betekent dat we kinderen de ruimte moeten geven, de ruimte om na te denken over wat ze leuk vinden, de ruimte om te ontdekken wie ze zijn, de ruimte om te bekijken wat ze hebben gemaakt. Tijd dus voor reflectie, reflectie zonder leerdoelen.

Zo, genoeg creatieve gedachten voor deze blog. Ik ga van mijn vrije tijd genieten, lekker mijmeren in de zon, terwijl mijn kinderen buiten mijn zicht bezig zijn met kikkers vangen in de sloot.

Heerlijk, mei-vakantie…