Edcamp eigenaar van je eigen professionalisering

De afgelopen periode ben ik meer actief geworden op Twitter. Het is voor mij als onderwijsdier een interessant en levendig platform waar ik in een klap op de hoogte ben van alles wat er speelt in onderwijsland. Het actiever Twitteren is ontstaan uit een behoefte om meer grip te krijgen op wat er gebeurt in het onderwijs.

De laatste jaren is de invloed van buitenaf door overheid en media voelbaar in het onderwijs . Ik ervaar regelmatig het gevoel meer uitvoerder dan eigenaar te zijn van mijn onderwijs. In de sociale media worden veel onderwijsinitiatieven gedeeld met elkaar via Facebook en Twitter en er zijn ook levendige onderwijsinhoudelijke discussies.

Er zijn initiatieven ontstaan om meer onderwijs met elkaar te delen; zo zijn er Meetups door het hele land waar diverse onderwijsthema’s met elkaar worden besproken.

Via Twitter @Meetup020 kwam ik een oproep tegen over het evenement Edcamp.

Wat is een Edcamp:

Edcamp is free, democratic, participant-driven professional development for teachers.

Uit de verslagen over de vorige editie en de reacties was op te maken dat dit niet een onzinnige bijeenkomst, maar een plek om onderwijs met elkaar te delen en beleven zonder commercieel gedoe. Er werd een locatie gezocht, waarbij ik meteen moest denken aan onze school, vervolgens mijn directeur ‘ouderwets’ de desbetreffende Tweet geappt en zo beleefde ik zaterdag 11 maart mijn eerste Edcamp.

Ergens voelde ik me net een kind die een evenement bezocht en al haar favoriete vloggers tegenkomt. In mijn geval waren dit de mensen die ik tegenkwam of volgde op Twitter.

Bijzonder om mee te maken hoeveel onderwijsmensen uit het hele land hier naartoe kwamen zonder de gebruikelijke lokkertjes als tablets of bekende sporters/ BNers en lekkere vijfsterrenlunch. Zoals mijn directeur zou zeggen, als de koffie maar goed is :). Dus plaatste hij de koffieautomaten en kannen koffie door de hele school, want ja wij hebben inderdaad twee koffieautomaten in de personeelskamer staan om het spitsuur op te vangen. Met ‘World of Food’ op 200 meter loopafstand kwam het met die vijfsterrenlunch ook wel goed.

De workshops

Wat te kiezen? Als eerste maar eens brainstormen over onze eigen schoolambities en uitwerking van het schoolplan. Samen met mijn collega leidden we deze brainstormsessie; Hoe geef je het ‘nieuwe onderwijs’, 21stcentury skills vorm in het reguliere, openbare onderwijs midden in de Amsterdamse Bijlmer? De 21stcentury skills zijn niet eenvoudig compatibel te maken met kleuteronderwijs of te implementeren in een strak schoolprogramma. Als school bouwen we al een aantal jaren aan de sociale, creatieve en schoolse basisvaardigheden van leerlingen vanuit een sterke pedagogische basis. Tijdens deze brainstormsessie beseffen mijn collega en ik dat er eigenlijk al veel in onze school gebeurt. Programmeren met o.a. Beebot en CSunplugged, het inzetten van digitale middelen, creatieve denkactiviteiten (Bloom’s Taxonomie, denksleutels, Outside the box), natuur & techniek en eigen projecten (talenweek, rekenweek, thema water met vakkenintegratie).

Het gevaar van deze interventies en activiteiten worden in deze brainstormsessie onderkend. Het zijn losse onderdelen waarmee niet een geheel gemaakt kan worden, maar het zouden juist onderdelen of een uitwerking kunnen zijn van een gezamenlijke teamvisie. Zo worden mijn collega en ik weer op het goede denkspoor gezet (wordt vervolgd..)

Bij de tweede workshop kwam ik eigenlijk onbedoeld bij het lerarenregister terecht, voorgelicht door iemand van de Onderwijscoöperatie. Met gezonde tegenzin er toch maar even bij gaan zitten om eens het verhaal van de voorstanders te horen. Ik ben niet tegen een lerarenregister, maar heb geen vertrouwen in de invoering van DIT register. Wellicht dat deze workshop ‘Wat kan het lerarenregister mij brengen?’ daar verandering in kan brengen.  Wanneer ik nogmaals de site bekijk kom ik dit tegen:

Waarom zou ik me registreren als registerleraar?
  1. Zichtbaar bekwaam
  2. Voor een sterke beroepsgroep en een goed werkend beroepsregister
  3. Grip en zicht op uw eigen professionele ontwikkeling
  4.  Vrijwillige herregistratie en meeneemrecht

Het LerarenOntwikkelFonds wordt tijdens deze workshop ook genoemd, dit is een mooi initiatief wat hier zeker positief benoemd moet worden. Een mooie kans voor leraren om nieuwe initiatieven te ontwikkelen, voorwaarde is wel dat men geregistreerd staat in het lerarenregister. Ik ben na deze workshop niet veel wijzer geworden of gesterkt in mijn vertrouwen in een verantwoorde invoering van dit register. Ik hoop dat ik inderdaad meer grip en zicht krijg op mijn professionele ontwikkeling, maar ik betwijfel de praktijk.

Het voelt net als het CAO en de daarmee samenhangende invulling van de normjaartaak, als een vage brij die het onderwijsveld maar zelf moet regelen. Een soort van ‘hoe je het doet doe je het, als het je het maar doet’. Er wordt vooral aangegeven dat de MR in gesprek moet gaan met de directie en het bestuur voor facilitering in tijd en financiering. Er wordt dan vanuit gegaan dat directie en besturen onwelwillend zijn, terwijl ik dat niet zo ervaar wellicht is dat naïef van mij.

Bij de vraag over de mogelijkheden om door te ontwikkelen na een HBO Master SEN (special educational needs) te hebben gedaan is de reactie ‘dat ik mijn benodigde lesbevoegdheden toch al heb’, niet erg bemoedigend. Ter verduidelijking, iedereen mag een Bachelor en Master volgen tegen het wettelijk collegegeld, bij een tweede studie betaal je het instellingsgeld. Dit houdt in mijn geval in voor de studie ‘Onderwijskunde’ dat deze studie mij 15.000 euro per jaar zou kosten. In de praktijk betekent dit voor het bijhouden van mijn registerpunten dat ik afhankelijk ben van ‘geregistreerde cursussen’ als bron voor professionele scholing. Deze kunnen niet altijd een hoogwaardige kwaliteit bieden zoals het HBO en de universiteit. Daarnaast betekent het dat in dit openbare register straks staat dat het behalen van mijn Master in 2012 mijn laatste ‘echte’ opleiding was.

Ik vrees dat er aan de waarde van mijn diploma een houdbaarheidsdatum zit. Ik begrijp het standpunt van deze workshopleider wel; we moeten voor onszelf opkomen en het niet van anderen laten afhangen, want je krijgt het niet op een zilveren plaat aangereikt. Uiteindelijk mezelf kennende kom ik toch wel aan mijn uren (zou een blog bijhouden ook meetellen?), maar ik had wel een beter onderbouwd verhaal verwacht.

Dan kom ik bij de workshop terecht van Karin Winters  die zelf een leuke kritische blog schrijft met een vleugje scherpe humor over bloggen. Ik hoor over ‘onderwijswijven’ (stoere naam) en iedereen wordt bemoedigend aangesproken om meer van zichzelf te laten horen. Dit spreekt me erg aan.

We moeten ons inderdaad meer laten horen en zien, onderwijs meer delen (en dan heb ik het niet alleen over lesmaterialen) en elkaar inspireren. Ik zie ook kansen om mensen ‘buiten’ het onderwijs meer inzicht te geven in ‘ons’ onderwijs. Het bloggen biedt daarmee een ook een stukje eigenaarschap. Vervolgens wordt er een workshop voor bloggers ingepland en voel ik me geroepen om me toch hier meer in te verdiepen. Ik neem vooral ook het stellen van vragen mee, een van de voorbeelden is de #onderwijsvraag; deze is erg succesvol. Uiteindelijk helpt deze workshop me over de drempel heen en is deze eerste blog het resultaat.

Lerendoenmaken is de laatste workshop die ik volg. Erg praktisch en goed uitgewerkt, makkelijk toepasbaar en past helemaal in het plaatje van onze eerste brainstorm.

Toekomstgerichte vaardigheden

Bij Leren Doen Maken draait alles om maken. Je maakt producten met behulp van ICT. Een animatie. Een tijdschrift. Een computerprogramma. Het kan van alles zijn. En dat is niet alleen heel erg leuk, maar door het maken van deze producten werk je aan vaardigheden die belangrijk zijn voor de toekomst. Jouw toekomst!

In het kort kiezen leerlingen voor een beroep zoals bijvoorbeeld filmmaker en een opdracht die past bij een ‘toekomstgerichte’ vaardigheid en het gekozen beroep. Bij filmmaker kan je dan bijvoorbeeld kiezen voor ‘Animatie maken’ . Deze opdrachten hebben vaak een digitaal product welke je dan ook digitaal inlevert bij je docent. De docent geeft sterren voor dit product. Het doet mij een beetje denken aan ‘Acadin‘ waar talentvolle leerlingen ook allerlei opdrachten maken en digitaal inleveren.

Leerlingen kunnen zelf kiezen waar ze aan willen werken, dit spreekt mij het meeste aan. Het ziet er goed doordacht en aantrekkelijk uit. Het is gratis (!) en lijkt mij eenvoudig implementeerbaar als extra aanbod. Waar je als docent rekening mee moet houden is het gebruik van de externe websites en apps, deze moeten wel beschikbaar zijn op het medium wat je gebruikt om de opdrachten te maken.

Eigenaarschap

Aan het einde van de dag zit mijn hoofd vol gedachten, het kernwoord van vandaag is eigenaarschap. Uit de brainstorm neem ik een startpunt mee. Een teamvisie op ons onderwijs, eigenaarschap. Uit de workshop over het lerarenregister neem ik een stukje emancipatie van het beroep leraar mee, meer eigen verantwoordelijkheid nemen en zorgen dat je meer eigenaar bent van je eigen professionalisering.

Toch blijven ook grote zorgen over de invoering en het is daarom belangrijk dat we ons als beroepsgroep blijven laten horen. Dat brengt mij tot het bloggen, meer delen, meer laten horen, meer zichtbaar zijn.

Tenslotte komen we bij ‘Lerendoenmaken’ eigenaarschap is ook een vaardigheid om te leren, ‘Lerendoenmaken’ geeft leerlingen ruimte om eigenaar te worden van wat ze willen leren.

Mijn volgende stap in eigenaarschap lees je nu, mijn eerste blog, waarschijnlijk lekker imperfect en niet politiek correct, maar wel van mij.